Het concurrentiebeding: deel 2 van de Wet Werk en Zekerheid

geplaatst op 29 maart 2015
Het concurrentiebeding
Tot de invoering van de nieuwe Wet Werk en Zekerheid (per 1 januari 2015) was het mogelijk om in elke arbeidsovereenkomst een concurrentiebeding op te nemen.
Een concurrentiebeding kan de werknemer beperken in het vinden van ander werk na een ontslag. Voor werknemers met een contract voor bepaalde tijd is dit soms onredelijk. Daarom is het niet langer toegestaan in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd een concurrentiebeding op te nemen.

Uitzondering
Er is een uitzondering: als de werkgever in het concurrentiebeding zelf gemotiveerd aangeeft welke zwaarwichtige bedrijfsbelangen het concurrentiebeding noodzakelijk maken.

Zwaarwichtige bedrijfsbelangen
Denk aan specifieke, strategische kennis en bedrijfsinformatie (ook wel de inside information) die de werknemer in zijn functie zal opdoen en die moet worden beschermd.

Onmiddellijke werking
De regeling heeft onmiddellijke werking. Dit betekent dat alle arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die vanaf (of na) 1 januari 2015 worden gesloten geen concurrentiebeding mogen hebben tenzij de zwaarwichtige bedrijfsbelangen goed gemotiveerd zijn opgenomen.

Sanctie
Indien de werkgever toch een concurrentiebeding ongemotiveerd opneemt, dan is het beding nietig. Nietigheid wil zeggen dat het wordt geacht niet te bestaan. Nietigheid treedt in 'van rechtswege', dat wil zeggen automatisch.

Onbepaalde tijd
Voor concurrentiebedingen in arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd is niets veranderd.

Let op
Een relatiebeding valt onder het begrip concurrentiebeding.


Heeft u vragen over het concurrentiebeding of over andere wijzigingen van de Wet werk en zekerheid, neemt u dan gerust contact op met Angelique Verweij.

VBV Advocaten

Angelique Verweij